18 januari 2009

Loire verslag, deel 4: Cheval Joly, paardenkracht in de wijngaard

6 Marius cheval paard nicolas joly labour a cheval ploegen met paard in wijngaard coulee de serrant

Toen ik Nicolas Joly in Savennières onlangs bezocht werd de wijngaard La Coulée de Serrant (7ha) juist op dat moment met paard en ploeg bewerkt. Van de 7ha ploegt Nicolas Joly 1,5ha tweemaal per jaar met zijn paard Marius. Nicolas Joly bewerkt zijn grond zo min mogelijk om het leven in de verschillende grondlagen zo min mogelijk te verstoren.  

Waarom wordt een wijngaard eigenlijk geploegd? Ploegen is uiteraard goedkoper dan chemische onkruidbestrijders maar er zijn nog meer redenen.  Het omploegen van de grond is belangrijk voor:

- Verluchting. Dit bevordert de vermenigvuldiging van micro-organismen.
- Verwijderen van schadelijk onkruid dat in concurrentie is met de wijnstok en water en mineralen opnemen. Onkruid creëert een fris en vochtig micro klimaat, wat de kans op voorjaarsvorst groter maakt. Ze stimuleren tevens de ontwikkeling van ziekten. (bij de conventionele wijnbouw verwijderd men onkruid door het gebruik van chemische middelen)
- Los maken van de bovenlaag. Ploegen verbetert de fysieke structuur van de grond en zorgt ervoor dat de harde bovenlaag gevormd door de passage van de machines los komt. Hierdoor kan het water beter penetreren en onstaan er geen plassen die het onstaan van schimmels kunnen bevorderen.

2 Marius cheval paard nicolas joly labour a cheval ploegen met paard in wijngaard
Marius krijgt even rust.

Ploegen is een zeer oude techniek en er kan veel tijd in gaan zitten, zeker als het niet mechanisch kan gebeuren. Ploegen gebeurt normaliter met een tractor of zoals bij Coulée de Serrant nog met een paard. Vooral in wijngaarden waar een tractor geen toegang heeft, zie je vaak een paard aan het werk in de wijngaard want deze is veel wendbaarder. Een paard is ook veel minder zwaar dan een tractor waardoor de grond niet te compact wordt (en een paard zorgt ook nog voor een natuurlijke bemesting). Het heeft dus niks met folklore te maken als je een paard voor een ploeg ziet in de wijngaard.

In het algemeen wordt er door wijnbouwers gemiddeld drie keer per jaar geploegd:
1. Na de oogst wordt er aarde tegen de onderkant van de wijnstok opgehoopt (chaussage of buttage) om hem te beschermen tijdens de winter. Men ploegt dan +/- 10 tot 20cm diep. Een biodynamische wijnbouwer zal minder diep ploegen om het goede organische materiaal in de bovenlaag te behouden.
2. Na het snoeien rond maart, ploegt men die aarde weer terug naar het midden van de rang (dechaussage).
3. Voor de bloemzetting in mei. Weer 'chaussage' om de wijnstok tegen de droogte te beschermen (meridionale regio).
Na de bloeitijd in juni op 5-8 cm diepte (dit wordt niet overal toegepast).

Nicolas Joly vindt tweemaal, na de oogst en na het snoeien,  echter meer als voldoende. 

Er mag niet geploegd worden als er risico op voorjaarsvorst bestaat want het vocht in de bodem zorgt dan voor een temperatuursdaling van de wijnstok kans op bevriezing. Om dezelfde reden mag er niet geploegd worden tijdens de bloeitijd, want dan is de kans op coulure (het tijdens de bloei onbevrucht blijven van de bloesem) groter.

3 Marius cheval paard nicolas joly labour a cheval ploegen met paard in wijngaard

De mannen die aan het ploegen waren op La Coulée de Serrant gaven me de indruk dat ze blij waren dat ik stond te fotograferen want dat gaf ze waarschijnlijk een goed excuus om te pauseren. Het ploegen met een paard is namelijk voor zowel het paard als de arbeiders een zeer ware en intensieve job. Ik heb ze daar bezig gezien en ze waren aan het zwoegen. Ze vertelde me dat het paard dan ook niet langer wordt ingezet dan 1,5 à 2 uur per dag. Ook zeiden ze dat het een heel precies werkje is want als je even niet oplet ploeg je zo de wijnstokken uit de de grond en dat is niet de bedoeling. Tijdens het ploegen worden ook wat oppervlaktewortels van de wijnstok verwijderd zodat de wortel gestimuleerd wordt om naar beneden te groeien. 

5 Marius cheval paard nicolas joly labour a cheval ploegen met paard in wijngaard coulee de serrant
Wijngaard La Coulée de Serrant van Château de La Roche au Moines in Savennières, Loire.

Naast de functie van het ploegen heeft het paard nog een ander doel volgens Joly. De energie van het paard wordt via zijn aura aan doorgegeven de wijnstok (ja we gaan even biodynamisch...). Alleen het feit al dat er een paard tussen de wijnranken loopt beïnvloedt rechtstreeks het leven in de wijnstok. Een paard wordt gedomineerd door 'warmte' (=vuur: één van de natuur elementen naast water, licht en aarde). De mest van een paard is ook de enige die warm genoeg is om er champignons op te laten groeien.

Schapen sheep moutons wijngaard coulee de serrant nicolas joly savennieres loire
Schapen in de wijngaard Coulée de Serrant die in de winter het onkruid opeten en omzetten in mest.

De vorige delen van het verslag:
proloog
deel 1 : Château de Villeneuve, Saumur 
deel 2 : Restaurant Les Tonnelles in Behuard, Maine-et-Loire
deel 3: Ontmoeting met Nicolas Joly op Château de La Roche aux Moines, La Coulée de Serrant in Savennières

30 juli 2008

De preparaten 500 t/m 507 - Biodynamische wijnbouw deel 4

Zie eerst: De preparaten - Biodynamische wijnbouw deel 3

De spuitpreparaten (hoornpreparaten)
De reden dat ze ook hoornpreparaten genoemd worden is, omdat ze in koehoorns gestopt worden voordat ze begraven worden. Als de preparaten lange tijd in in koehoorns begraven liggen zullen de krachten erin geconcentreerd worden door een lang gistingsproces. Dit proces leidt tot een natuurlijke, uiterste concentratie van bacteriën, groeihormonen en enzymen. De hoorns kunnen drie tot vier keer gebruikt worden voordat ze hun kracht verliezen.

koemes preparaatSteiner zag in deze preparaten de tegengestelde uiteinden zoals bijvoorbeeld warm en koud, positief en negatief. Koemest werkt op calciumprocessen, kiezel op siliciumprocessen. Kalk werkt in het donker, kiezel in het licht. 

 

 

 

Nr. 500 Koemest preparaat
De koemest wordt in de koehoorn gedaan en in de aarde begraven. Meestal in september als de dagen korter worden en de energie zich meer richt op het binnenste van de aarde. In de lente wordt het dan opgegraven en is de mest helemaal vergaan tot een fijne massa. Uit analyses blijkt dat dit preparaat spectaculaire concentraties bevat van de meest levensnoodzakelijke mineralen en oligo-elementen. Daardoor kunnen deze preparaten ook toegepast worden in zeer fijne verdunningen. Er wordt maar 2 à 100 gram gebruikt (opgelost in water) per hectare wijngaard en 40/50 liter water per hectare. De grond moet wat vochtig zijn en de temperatuur minimaal 7-8 C°. Vaak wordt er driemaal per jaar gesproeid (minimaal twee maal) , in de herfst voordat de aarde bevriest om de aarde te ondersteunen in de winter, begin van de lente als de aarde ontdooid is en later in de lente als de droogte begint.

horn
De koeienmest voor preparaat 500 na een winter onder de grond.

Dit preparaat neemt een zeer blangrijke plaats in, want zij werkt rechtstreeks op de aarde en de wortels van de wijnstok. Het preparaat wordt in grove druppels ‘s avonds op de aarde gespoten en werkt dus ook in op de aarde, bevordert groei en lichtheid, stimuleert het ontkiemen en versterkt de groei van micro-organismen in de aarde en wortelgroei (dikker en langer) van de wijnstokken. Versterkt dus ook de vorming van humus. Hoornmest regelt ook het gehalte aan kalk en stikstof, alsmede het vrijgeven van sporenelementen. Het is een basisremedie die al het werk dat er nog gedaan moet worden ondersteunt.

Nr. 501 Kiezel preparaat
Fijngemalen kwartskristallen worden gemengd met water zodat er een pasta ontstaat die in de koehoorn wordt gestopt. Preparaat 501 wordt in de lente gemaakt, zodat de hoorn tijdens de zomer in de warme aarde ligt en licht opneemt. Hij wordt in de herfst weer opgegraven. Wordt 's morgens (ochtendkiezel) in een fijne nevel over het gewas gespoten. Het kiezelpreparaat kan ook worden gespoten om de houdbaarheid van de oogst te verbeteren. In dit geval wordt het preparaat in de namiddag of 's avonds gespoten (avondkiezel). Voor 1 hectare wordt 10 gram opgelost in water.

 Dit preparaat werkt in op de atmosfeer boven de aarde. Het bevordert de groei door de krachten licht en warmte door te geven, de wijngaard gevoeliger te maken en klaar om de krachten van de kosmos te ontvangen. Het versterkt het vermogen van de wijnstok om licht te metaboliseren, stimuleert de fotosynthese en de vorming van chlorofyl en verhoogt de weerstand tegen ziekten en insecten. Het heeft ook een positieve invloed op de smaak en de voedingswaarde van de druiven. Het kiezelpreparaat kan het beste verspoten worden wanneer de druiven tot vorm komen, wanneer de druiven gaan rijpen.

De compostpreparaten 
Het grote verschil tussen organisch en biodynamisch composteren zit in het gebruik van speciale kruidenremedies. Alle kruiden die Steiner gebruikte als remedies waren al algemeen bekend in de kruidengeneeskunde en in sommige oude culturen werden ze toegeschreven aan verschillende planeten. Sommige biodynamici gaan ervan uit dat elk preparaat verbonden is met een andere planeet en zo de krachten van die planeet in de wijngaard brengt.

Het duizendblad- (502), kamille- (503), brandnetel- (504), eikenschors- (505), paardebloempreparaat (506) worden begraven in diverse dierlijke organen. Dit zijn respectievelijk een hertenblaas, koeiendarm, zonder omhulling, een koeien- of schapenschedel en runderdarmscheil. Ze worden na het prepareren ingebracht in de mest- of composthoop. Het vloeibare valeriaanprepararaat (507) wordt over de composthoop gegoten. Het prepareren van de mest of compost wordt gedaan om de vertering te sturen en te bevorderen en de mest of compost ontvankelijker te maken voor de inwerking van kosmische krachten. De preparaten worden veelal ingebracht nadat de hoop is omgewerkt. De compostpreparaten geven richting aan de chaos die dan is ontstaan.

Nr. 502 Duizendblad
duizendblad,%20gewoonDuizendblad is verbonden met kalium en zwavel en zou de krachten van het licht in de aarde brengen. Het wordt gebruikt om wijnstokken te helpen sporenelementen aan te trekken en de opname van voedingsstoffen te verbeteren. Een hertenblaas wordt gevuld met duizendbladbloemen, in de zomer in de zon opgehangen en in de winter in de vruchtbare aarde begraven. Als ze de volgende zomer opgegraven worden, hebben de atmosferische krachten er een jaar lang op in kunnen werken. Waarom in de blaas van een hert? Dit dier vangt al de elementen en krachten uit de atmosfeer op via zijn gewei en vandaar naar zijn blaas. Dit is dus een epicentrum van vitaliteit. Duizendblad staat in relatie tot Venus.

 Nr. 503 Kamille
camomilleDit preparaat stabiliseert de stikstof in de composthoop en stimuleert ook het microleven waardoor de planten beter groeien. Kamille zorgt voor een verhoging van het kalkgehalte, alweer via wisselwerking met zwavel. Kamille is een medicinale plant, die vooral focust op de ingewanden. De bloemen worden in de dunne darm van een koe gedaan. De darm wordt in kleine worstjes gedraait en tijdens de winter in vruchtbare aarde begraven, bij voorkeur op een zonnig plekje waar smeltwater van de sneeuw komt. Rond Pasen wordt de darm opgegraven. Door de gunstige invloed van kamille op de spijsvertering wordt kamille gezien als de maag van de composthoop. Kamille staat volgens Maria Thun in relatie tot Mercurius.

 Nr. 504 Brandnetel
fleure-ortie-dioiqueBrandnetel wordt gebruikt om de aarde te vitaliseren en nieuw leven in te blazen. De brandnetels worden geplukt als ze in bloei staan en een jaar lang in de aarde begraven. Steiner geloofde dat er voor al zijn planten alternatieven te vinden waren, behalve voor de brandnetel.  

Dit preparaat brengt een dosis ijzer in de grond. Ijzer is in de wijnstok net zo belangrijk als in ons bloed. Het sterkt de groei van de wijnstok wanneer deze door droogte of vorst verstoord is. Stimuleert de bladvorming en dus de fotosynthese. Dit element wordt niet gemaakt via een dierlijk orgaan. Het volstaat een armvol iets verwelkte netels onder de composthoop te mengen.  Brandnetel staat in relatie tot Mars en de zon.

Nr. 505 Eikenschors
Vullen Schedel met eikenschorsEikenschors bevat plantaardige kalk en tannine die beschermen tegen schimmelziektes en insecten. Dit preparaat heeft dus een sterk helende kracht en helpt ziekten te voorkomen. Het wordt gemaakt van de schors van levende eikenbomen die verpulverd wordt en in de schedel van een dier wordt gestopt. Bij voorkeur van een koe, maar een schaap of geit kan ook. De schedel wordt heel de winter begraven in aarde die voortdurend vochtig is en wordt de volgende lente opgegraven. Eikenschors staat in relatie met de maan.

 

Nr. 506 Paardebloem
paardenbloemGedroogde paardebloemen bevatten kalium en silicium en worden in het darmvlies van een koe gestopt en van de herfst tot de volgende lente begraven. Paardebloemen staan in relatie met Jupiter.

 

 

 

 

Nr. 507 Valeriaan
ValeriaanDit preparaat wordt gemaakt van het sap van de valeriaanbloemen. Fosfor is nodig om licht aan te trekken voor de fotosynthese. Het stimuleert het gebruik van fosfor door de aarde. De bloemen worden gemalen, in water opgelost, en vervolgens in het donker bewaard. Voor gebruik worden de preparaten gedynamiseerd. Het vloeibare valeriaanpreparaat wordt over de composthoop uitgesproeid. De compost is klaar als alle resten zijn verteerd en de compost fris ruikt. Valeriaan staan in relatie met Saturnus en Mars.

 


Zie ook:
Deel 1 Biodynamische wijnbouw
Deel 2 Biodynamische wijnbouw
Deel 3 Biodynamische wijnbouw

10 juli 2008

De preparaten - Biodynamische wijnbouw deel 3

Volgens goed biodynamisch gebruik moet je aan de grond teruggeven wat je genomen hebt. Een landbouwkundige zou zeggen: je moet aanvullen wat er verbruikt is. Bij de wijnbouw zitten nuttige voedingsstoffen in takken, schillen en pitten. Deze worden dan ook bij de biodynamisch compost gebruikt als koolstofbron. Dierenuitwerpselen zijn de stikstofbron.

Een druivenstok kan circa 80 tot 85% van de voedingsstoffen uit de lucht opnemen, de resterende 15 tot 20 % neemt de druivenstok op uit de bodem (mineralen/zouten).
In de biologisch-dynamische landbouw worden speciale preparaten gebruikt om de vitaliteit van de bodem en van de gewassen te ondersteunen. Er zijn ook preparaten voor een betere vertering van mest of compost. De werking van de preparaten is ook geestelijk of spiritueel van aard. Ze zijn geen vervanging voor normale landbouwkundige maatregelen, zoals rassenkeuze en bemesting, een juiste opzet en samenstelling van de composthoop en dergelijke. De preparaten kunnen juist dieper werken als ál deze zaken in orde zijn.

In 1923 heeft Rudolf Steiner het recept voor de preparaten aan zijn medewerkers gegeven zonder enige verdere uitleg, gewoon "doe dit en dan dat". In 1924 werden de eerste resultaten opgegraven in Arlesheim in Zwitserland in het bijzijn van Steiner. Ter plekke heeft Steiner ook uitgelegd hoe het preparaat gedynamisserd moest worden door middel van het roeren in lauw water waar hij toen de wandelstok van één van zijn medewerkers voor gebruikte. De preparaten werden uitgebreid behandeld in de Landbouwcursus die Rudolf Steiner in 1924 gaf (zie hier).

Preparaten werken als het ware homeopathisch: men probeert niet een aantal symptonen te behandelen, maar alle krachten die op een wijngaard en zijn bodem inwerken. Men maakt geen gebruik van stoffen die ziektes veroorzaken maar van plantaardige, minerale en dierlijke stoffen die de groei stimuleren en de aarde doordrenken met positieve krachten.

Enkele van deze preparaten dienen uitsluitend voor de voeding en dynamisering van de grond en de plant, andere worden aangewend voor ziektevoorkoming, uitroeiing van onkruid en parasieten.

Sommige preparaten worden gebruikt om de gisting van de compost te regulariseren, in harmonie met het universum. Andere bij de aanplantingen, om de wortelontwikkeling te bevorderen en later de groei van de wijnstok. Nog andere om de fotosynthese en de chlorofylwerking te bevorderen. De bladstructuur van de planten wordt hiermee immers beïnvloed o.a. met een verruiming van de poriën. Hierdoor worden het zonlicht en vocht beter opgenomen en de suikerproductie in de druif bevorderd.

Het resultaat  is een druif met een sterkere concentratie aan mineralen. Naast een verbeterd effect op de gezondheid,  heeft dit ook een rechtstreekse invloed op de aroma's, op de structuur, en de smaakconcentratie van de wijn. De kwaliteit van een druivenstok  bestaat voornamelijk uit lichtenergie.

biodynamie Preparaten Horens


Veel van de preparaten die gebruikt worden in de biodynamische teelt worden gemaakt in koehoorns.  Heeft dat zin? Tegenstanders van de biodynamische praktijken - of zeggen we misschien beter verdedigers van de conventionele praktijken met overvloedig gebruik van chemische hulpmiddelen -lachen dergelijke zaken weg. Deze praktijk steunt nochtans op wetenschappelijke gronden. Voor de koe is de hoorn niet zomaar een ornaat (zoals bij het hert b.v.), maar een werktuig dat de externe en interne stromen naar het verteringsstelsel voert. De hoorns zijn een verlengstuk van de huid waar op geïntensifieerde manier alle indrukken uit de omgeving naar het middelpunt van het lichaam gevoerd worden. De hoorn is dus een essentieel orgaan van de koe, waarlangs alle astrale en etherische krachten opgevangen worden.

De preparaten zijn genummerd van 500 t/m 508. Elk preparaat wordt van de grondstof gemaakt waarnaar het genoemd is, koemestpreparaat wordt van koemest gemaakt. De grondstoffen worden preparaat door ze op een bepaalde manier te bewerken. Meestal door de grondstoffen in een dierlijke omhulling een half jaar te begraven. Dit begraven gebeurt op bepaalde momenten in het jaar.

biodynamie PreparatenKistNa het prepareren worden de preparaten in een speciale kist in turfmolm bewaard, zodat ze hun kracht behouden.

Nadat de preparaten uit deze beschermende bewaarplaats zijn gehaald, is de houdbaarheid beperkt en kunnen ze het best binnen enkele dagen worden gebruikt. Grotere hoeveelheden zijn wat langer houdbaar buiten de turfmolm.

Potentiëren/dynamiseren van biodynamische preparaten

biodynamie dynamiseren van preparatenDit is één van de meest cruciale momenten van het proces. Een kleine hoeveelheid van het preparaat wordt een uur lang in een emmer (koper, glas of hout) lauw regenwater van ongeveer 37°C geroerd. Het doel hiervan is een draaikolk te doen ontstaan. Door deze draaikolk wordt een maximale hoeveelheid water blootgesteld aan de lucht en door de lucht ook aan de krachten van de kosmos. Door het herhaalde roeren (ook bruusk in tegenovergestelde richting roeren is fundamenteel) en de diepe draaikolken die ontstaan, komt er meer water in contact met de lucht dan bij een glad oppervlak en krijgen de kosmische krachten meer gelegenheid om het water te potentiëren cq versterken. Het water dat in het midden snel en aan de buitenkant trager draait, imiteert de baan van de planeten rond de zon. Planeten die dicht bij de zon staan draaien veel sneller dan planeten die verder weg staan.

Sommige wijnbouwers voeren het dynamiseren nog manueel uit, anderen hebben hiervoor een gemechaniseerd elektrisch systeem maar men moet er wel bijblijven om het te superviseren. Na het dynamiseren moet het preparaat binnen de twee uur over de wijngaard verspreid worden.

champagne francis boulard 9Het sproeien van de preparaten bij Francis Boulard, Champagne.              

Volgende keer in detail de verschillende preparaten.

Hier:
Deel 1 Biodynamische wijnbouw
Deel 2 Biodynamische wijnbouw

16:30 Gepost door Vinama in Biodynamische wijnbouw | Commentaren (0) |  Facebook | |  Print

08 juni 2008

Rudolf Steiner - Biodynamische wijnbouw deel 2

Rudolf Steiner is de grondlegger van de biodynamie (zie deel 1). Hij werd geboren op 27 februari 1861 in Kraljevec (toen Hongarije nu Slovenië) uit Oostenrijkse ouders. Hij studeerde in Wenen wat toen de intellectuele hoofdstad van Europa was en was zeer geïnteresseerd in het werk van Goethe (schrijver, filosoof en dichter).

Als eenentwintigjarige student aan de Technische Hogeschool in Wenen kreeg Steiner de opdracht het natuurwetenschappelijke werk van Goethe van toelichtingen te voorzien. In Goethe waardeerde hij de mens die gedurende tientallen jaren van onderzoek zijn waarnemen en denken zo oefende dat hij het leven in de natuur ging begrijpen. Deze opdracht werd Steiners opstap naar de basis van een nieuwe, spirituele wetenschap, verankerd in de bestaande westerse cultuur. Hij beschrijft die basis in zijn boek De filosofie van de vrijheid (1893). Deze beschrijving, in de taal van de filosofie van zijn tijd, bevat in de kiem al de antroposofie.

In 1891 na het behalen van zijn doctoraat in de filosofie vestigt hij zich in 1889 in Weimar waar ook Goethe gewoond en gewerkt had en waar zijn archieven werden bewaard. Steiner schrijft er zijn eerste essay. In 1894 ontmoet hij Frédéric Nietzsche wiens zus hem vraagt orde in de filosofische papieren van Nietzsche te brengen.

rudolf steiner 1917In die tijd was Rudolf Steiner een wijsgeer, een visionair. Hij werd lid van de Theosofische Vereniging in Berlijn en klom op tot secretaris-generaal van de Duitse afdeling. Theosofie is geen godsdienst maar een allesomvattende, universele filosofie, gebaseerd op natuurwetenschappelijke, geestelijke en psychische evolutie van de natuur.

In 1913 verliet Rudolf Steiner de Theosofische Vereniging. Hij werd de grondlegger van de antroposofie. Als wetenschapper trachtte hij de theosofische principes in overeenstemming te brengen met de natuurkunde en de algemene beginselen van de Duitse filisofische school, die op dat ogenblik  op haar hoogtepunt was. De eerste samenkomst van de Antroposofische vereniging was op 3 februari 1913.

Het begrip antroposofie is samengesteld uit twee Griekse woorden: ‘anthropos' (mens) en ‘sophia' (wijsheid).  Antroposofie kan het beste worden omschreven als een weg om door zelfkennis en kennis van de wereld te komen tot bewustwording van je menszijn, in vrijheid en vanuit eigen verantwoordelijkheid.

Rudolf Steiner begint te schrijven en in het openbaar te spreken en over zijn geesteswetenschappelijk onderzoek. Het accent ligt daarbij op de zogeheten centrale onderwerpen in de antroposofie: het mensbeeld, het wereldbeeld, de geschiedenis van mens en aarde, de betekenis van leven en dood, reïncarnatie en karma, de betekenis van het christendom.

In 1919 ontwikkelt hij een pedagogische methode die wordt toegepast in de Waldorf scholen. Vandaag de dag bestaan er nog 25 Steiner scholen in Vlaanderen en ook buiten de Belgische grenzen.

Steiner was ook kunstenaar: hij schreef vier drama's, ontwierp een aantal gebouwen, waaronder het Goetheanum in Dornach (Zwitserland) en werkte aan de ontwikkeling van de euritmie, een geheel nieuwe bewegingskunst. Veel vernieuwende inzichten had hij op onder andere landbouw, onderwijs en gezondheidszorg. In 1923 nam hij het voorzitterschap op zich van de toen opgerichte Algemene Antroposofische Vereniging in Dornach.

De lezingen in Koberwitz, de allereerste landbouw cursus Biodynamie
In 1924, van 7 tot 16 juni, had graaf Karl von Keyserlingk op zijn kasteel in Koberwitz een 60tal mensen uitgenodigd, voornamelijk grondbezitters. Allen waren gekomen om de meester Rudolf Steiner te horen. De "Goethe" van de landbouwkunde en inspirator van de biodynamie. Koberwitz, tegenwoordig gelegen in Polen vlakbij Wroclav hoorde toendertijd nog bij Pruisen, deelstaat van het Duitse rijk. Graaf Karl von Keyserlingk was gepassioneerd door landbouwkunde en kon toen niet bevroeden dat zijn seminar, die ook wel landbouwcursus wordt genoemd, historie zou schrijven. De acht lezingen die Steiner toen heeft gegeven zijn uitgegeven onder de titel :   Landbouw ; geesteswetenschappelijke grondslagen voor een vruchtbare ontwikkeling van de landbouw.

Rudolf Steiner was geen boer of landbouwwetenschapper. Dat hij zich toch op dit vakgebied waagde, hangt met twee omstandigheden samen. De eerste is dat hij op het platteland was opgegroeid en daardoor het leefmilieu van de boeren en het werk op het land uit eigen ervaring kende. De tweede omstandigheid heeft te maken met het karakter van de antroposofie, dat de achtergrond vormt van de biologisch-dynamische landbouw.

nicolas joly savannieres la coulee de serrant loire
Nicolas Joly (links) bewerkt zijn biodynamische wijngaard Coulée de Serrant in Savennières, Loire.

Het grote thema van de antroposofie is, in twee woorden, mens en kosmos. Over die relatie, tussen de mens aan de ene kant en mineralen, planten en dieren, aarde en sterren aan de andere kant, schreef en sprak Steiner vanuit telkens wisselende gezichtspunten. Vandaar dat de stap van de algemene antroposofie naar zoiets specifieks als de landbouw kleiner is dan men op het eerste gezicht zou denken.

De deelnemers aan de cursus waren niet alleen feitelijk in de landbouw werkzaam, maar zij waren ook vertrouwd met de algemene antroposofische inzichten over mens en kosmos en over innerlijke scholing. Het lidmaatschap van de Antroposofische Vereniging was een voorwaarde tot deelname aan de cursus.

Echter al voordat de landbouwcursus tot stand kwam, had Rudolf Steiner aan deze of gene landbouwkundige adviezen gegeven en had hij op kleine schaal experimenten laten doen. Een van degenen die hij van advies had gediend was Ernst Stegemann, pachter van een landgoed in Marienstein. In 1922 was Stegemann gestopt met het gebruiken van kunstmest. Vanaf 1922 deed Ehrenfried Pfeiffer op aanwijzing van Rudolf Steiner experimenten in een laboratorium in het Zwitserse Dornach. Het ging daarbij om onderzoek naar de werking van de in de landbouwcursus besproken preparaten.

Tijdens de acht lezingen in Koberwitz vraagt Steiner zijn luisteraars eerst om op zijn minst vier jaar te experimenteren met zijn lessen. Hij gaf zijn volgelingen een idee en zei dat ze zelf moesten uitzoeken wat in de praktijk bruikbaar was. Sindsdien is er heel wat geëxperimenteerd in de biodynamie. Na de lezingen en het oprichten van de ‘Versuchsring' werd de eerste aanzet gegeven tot een vernieuwing van de landbouw. De eerste biodynamische boerderijen zagen het daglicht in Duitsland en het immens grote domein van Koberwitz diende als proefterrein.

Steiner verkondigt dat organismen (de mens in het bijzonder), en de processen die zich in hen afspelen, het resultaat zijn van invloeden uitgaande zowel van de aarde als vanuit de kosmos (zon, maan en sterren). Fatale gevolgen verwachtte hij vooral van de invoering van kunstmest, die net in die jaren op gang kwam. De ontwikkelingen van de twintigste eeuw, met name die van na de tweede wereldoorlog, hebben hem gelijk gegeven.

Heeft Steiner de gedetailleerde biodynamische beschrijvingen en argumenten zelf ontwikkeld of heeft hij een beroep gedaan op experts? We weten het tot op vandaag niet. Hoe kan deze man zonder enige lanbouwstudie zoveel complexe vraagstukken beantwoorden en justifiëren?

Door zijn vroegtijdige dood op 30 maart 1925 in Dornbach door een ziekte aan zijn spijsverteringsorganen kon Rudolf Steiner aan de verdere ontwikkeling niet meer bijdragen. Steiner gaf in totaal 6.000 lezingen en publiceerde 500 teksten.

champagne francis boulard 5Steiner zelf spreekt in de beroemde landbouwcursus niet van een biologisch-dynamische landbouw, maar van een landbouw die is gebaseerd op geesteswetenschappelijke inzichten.

Toen na de dood van Steiner de behoefte aan een naam ontstond, werd eerst gekozen voor ‘biologische landbouw'. Daarmee wilde men aangeven dat het om een landbouw ging die op een ‘biologische' manier omsprong met de bemesting (in tegenstelling tot de kunstmest, die de chemie als uitgangspunt had). Later werd er het begrip ‘dynamisch' aan toegevoegd, om aan te geven dat in deze wijze van landbouw ook een relatie wordt gezocht tot kosmische krachten.

De initiatoren voor de biodynamische methode zijn voornamelijk Ehrenfried Pfeiffer (1899-1961) en Günther Wachsmuth (1893-1963). Zij zijn het die in 1924 in het bijzijn van Steiner de koeienhoorn uit de grond haalden waaraan Steiner altijd zoveel goede krachten toedichtte.

Steiners werk werd bijna verwoest toen de nazi's in 1933 aan de macht kwamen en deze methode verboden. Maar er emigreerden een aantal vooraanstaande aanhangers naar Engeland ( Eugen en Lilly Kolisko ) en naar Amerika ( Ehrenfried Pfeiffer ) met Steiners documenten. Na de Wereldoorlog II werden de experimenten in de hele wereld voortgezet.

Vanaf 1963 is de landbouwcursus van Koberwitz publiekelijk verkrijgbaar. Dat de cursus pas zoveel later dan bedoeld algemeen toegankelijk werd, heeft ongetwijfeld een remmende invloed gehad op de ontwikkeling van de biologisch-dynamische landbouw. Een echte groei van de beweging vond plaats in de jaren zeventig van de vorige eeuw.

In 1924 was er nog geen sprake van een milieuvraagstuk. Niettemin blijkt uit de voordrachten zonneklaar dat Steiner in dit opzicht een vooruitziende blik had. Scherp geeft hij aan dat de basis van de gangbare landbouwmethode - het eenzijdig natuur-wetenschappelijk denken - onherroepelijk problemen zou geven.

Steiner was een tegenstander van alcohol en dus ook van wijn. Hij vondt dat iemand die dronk zijn spirituele openheid blokkeerde en dus ook geen toegang naar spiritualiteit kon verkrijgen. Volgens hem behoorden bier, wijn en sterke alcohol niet tot de menselijke voedingsmiddelen. Hij dronk zelf water en amandelmelk.

Hier:  Deel 1 biodynamische wijnbouw

05 juni 2008

Z003 van Zind-Humbrecht ** Biodynamische wijnbouw deel 1

Domaine Zind-Humbrecht uit Turckheim is één van de meest gerenommeerde  wijndomeinen in de Elzas en volgens sommige zelfs het beste wat er in de Elzas te vinden is. Door een huwelijk tussen  Geneviève Zind en Léonard Humbrecht onstond dit domein in 1959. Hun zoon Olivier Humbrecht die trouwens als eerste Fransman de titel Master of Wine behaalde,  zwaait nu de scepter over het bedrijf.

Sinds 1999 is Zind-Humbrecht helemaal overgestapt naar de biodynamische wijnbouw.

Biologisch-dynamische boeren streven naar een zoveel mogelijk grondgebonden, divers en zelfregulerend landbouw-bedrijfsorganisme met gesloten kringlopen. Ze besteden veel zorg aan het ondersteunen en harmoniseren van de levensprocessen in bodem, plant en dier. Zo werkt de biodynamische boer aan een voor zijn bedrijf specifieke ‘bedrijfsindividualiteit'. Die wordt des te krachtiger naarmate de verschillende organen van het gehele bedrijf op elkaar zijn afgestemd en elkaar ondersteunen.

Van biodynamische wijnboeren is doorgaans bekend dat ze kosmische invloeden benutten via het gebruik van specifieke biologisch-dynamische preparaten en/of door werkzaamheden (zaaien, planten, grondbewerkingen, oogsten) uit te voeren op tijdstippen, afhankelijk van de constellaties van sterren en planeten. Dat is slechts één facet van de biodynamische landbouwpraktijk, want er is veel meer waar biodynamische boeren aandacht aan besteden.

Biodynamische landbouw heeft veel gemeen met de biologische landbouw. Beide verwerpen het gebruik van chemische stoffen op het land en geloven eerst en vooral in een gezonde bodem als basis voor de vruchtbaarheid. Klassieke biologische praktijken omvatten het gebruik van groenbemesting, regelmatige bodembewerking, compost en gemengde aanplanting. Biodynamica staat achter al deze aspecten omdat ze een goede basis vormen voor ecologisch gezonde landbouw, maar ondertussen blijft de vruchtbaarheid van de aarde afnemen en moet er dus meer gebeuren dan alleen de aarde voeden - de aarde moet genezen worden. Daarom gaat de biodynamica een stap of twee verder dan de biologische landbouw met het toepassen van een aantal remedies voor de aarde en bijvoorbeeld de bladeren. De biodynamica gaat ervan uit dat de bodem zelf moet leven en dat de vitaliteit van de aarde een invloed heeft op de gezondheid van de planten die ervan leven.  

De wijn Z003 van Zind-Humbrecht is een geval apart. Ten eerste is het een tafelwijn. Dit omdat deze wijn gemaakt is van 30% auxerrois en 70% chardonnay die in de Elzas enkel is toegestaan in de Crémant d'Alsace. Dus volgens de AOC regels mag hij geen AOC Alsace dragen. Aangezien Vin de Pays in de Elzas niet bestaat bleef er niks anders over dan een klassificatie Vin de Table.

Maar op een vin de table mag je geen jaartal zetten. Geen probleem dacht Olivier Humbrecht ik noem mijn wijn gewoon Z003. Een "Z" in plaats van een "2" en iedereen begrijpt dat het om het jaartal 2003 gaat. Slimme jongen die Humbrecht. Nu heb ik wel gezien dat op de kurk wel het jaartal 2003 staat dus dat is blijkbaar wel toegestaan bij een tafelwijn.

Z Zind Humbrecht 2003

In plaats van de toegestane 70hl per hectare is er voor deze wijn een rendement van 35hl/ha.  

Domaine Zind-Humbrecht, Z003, Vin de table de France: Deze witte wijn moet je +/- twee uur van te voren karaferen. 30% auxerrois en 70% chardonnay.
De wijn heeft een intens gele kleur en een zalvende textuur. Een complexe neus met o.a. tropisch fruit, citrus en noten. In de mond een volle aanzet en zelf iets lichts moelleux met heerlijke smaken zoals zoete Jurançon, appelsien en geconfijte abrikozen. De zuren zijn voor een 2003 goed aanwezig en geven de wijn een frisse toets, mooi in evenwicht en ook nog een mineralen die om de hoek komen kijken. Het lijkt wel een beetje op een zoet-zure saus. Licht bittertje in de afdronk.
Absoluut a-typisch voor de Elzas maar wel verdomd lekker. Drinken tot 2012. Vinama: 16,5pnt, Wine Spectator 92pnt. 16,50 Euro. 

Deze wijn heb ik destijds gekocht bij  http://www.vins-etonnants.com/  Iedere wijnamateur moet daar eens gaan kijken want daar vindt je de wijnen die je in het gewone commercieële circuit bijna niet vindt. Aparte druivensoorten, speciale vinificaties, zeer kleine domeinen etc....., de moeite waard om eens te gaan shoppen.

Ondertussen ga ik door met het blokken voor het Sommelier examen dat voor de deur staat. Binnenkort het uur van de waarheid in Zuid-Frankrijk. Ik ga dus nog maar even aan de aroma flesjes van Le Nez du Vin ruiken.....